VIERINGEN
Onze basisgemeenschap Het Veer viert elke vierde zondag van de maand om 10 uur in

Centrum Bethanië
Bethaniëstraat 74, 3600 Genk

Jaarthema 2019 – 2020
Op weg met Marcus

 

In dit nieuwe werkjaar gaan we uit van actuele levensvragen.
We zoeken in het Marcusevangelie naar lot- en bondgenoten.

September – Vrede in mezelf, in de wereld Mc. 9,50
Oktober –  Wie zegt gij dat ik ben? Mc. 8,17 – 33
November – God doet niets. Mc. 15, 33 – 39
December – Wanneer begint – eindigt iets? Mc. Proloog 1, 1 – 13
Januari – Wat is geluk? – Het Rijk Gods Mc. 4, 30 – 32
Februari – De spanning van eeuwig leerling te zijn Mc. 6,7-13 en 8, 17-21
Maart – Waar halen we de moed vandaan? Mc. 2, 18 – 22
April – Verrijzenis – opstaan – opnieuw beginnen Mc. 16, 7 – 8
Mei – Hoe verscheurd kan een mens zijn? Mc. 14, 66 – 72
Juni – Spreken – luisteren – zwijgen Mc. 1, 40-45 en 16, 1-8

Jaarthema Het Veer werkjaar 2018 – 2019
God of de goden ?
Bijbelse figuren wijzen ons de weg

1. Welk godsbeeld hanteren we?
1. “God” is een containerbegrip m.a.w. er zijn vele verschillende invullingen. Vandaar dat er een Babelse spraakverwarring heerst en veel dubbelzinnigheid. Waardoor we mekaar niet verstaan.
Wanneer we in Het Veer het woord “God” gebruiken, dan bedoelen we dit:
De Bijbelse God is het aanwezige mysterie dat mij uitnodigt om de Goddelijke Liefde, zoals Jezus ze heeft voorgeleefd, waar te maken. Die liefde uit zich in de behartiging van
– de gerechtigheid en barmhartigheid
– de vrede en openheid, vergeving en verdraagzaamheid
– de bevrijding van al wat ons tegenhoudt menswaardig te leven zodat een goed leven voor iedereen op aarde mogelijk wordt.
– de hulp aan mensen in nood
– de aanvaarding van elke mens zoals hij is
– de zorg voor de schepping
–  ….

2. We zien de Bijbel als een heel verscheiden reeks van kleine en grotere boeken waarin de schrijvers op zoek gaan naar een wereld door “God” gewild. De personages in de boeken wijzen wegen naar een menselijke samenleving.

3. De Bijbel ontmaskert ook de vele “goden” die ons beletten om als vrije, vredevolle, gelukkige mensen te leven. De “goden” van deze tijd waarvoor mensen alles voor over hebben zijn o.a. lichaamscultus, voetbal, eetcultuur, carrière, geld, ik-cultuur, bezit, dictatuur,,…

4. De God van de Bijbel, JHWH is geen God op de wijze van die goden.
Deze God is de stem van buitenaf die de wereld nieuw maakt. Die mij uitdaagt door het gelaat van de Ander, in het bijzonder het weerloze gelaat van de weduwe, de wees en de vreemdeling, de minsten
in onze samenleving.

5. Hoe spreken deze God”, die het waard is zo genoemd te worden, aan?
Als “grondnaam” nemen we : “Ik zal er zijn”. Andere namen kunnen ook bv. God, Heer, de Naam, de Ene,
De onnoembare, de Vader,…

2. Welk Jezusbeeld hanteren we?
1. Ook de Jezus zoals die in de geschriften van het Nieuwe Testament ter sprake komt is ook een personage binnen een groter verhaal.
Vandaar dat de Jezus van Marcus, Mattheüs, Lucas en Johannes van elkaar verschillen.
Wanneer we dus in onze liturgieën evangelieteksten binnenbrengen is het belangrijk dat we ons houden aan die tekst en deze niet gaan contamineren met teksten uit een ander evangelie, want “Lucas is niet Mattheüs”

2. “Jezus heeft gezegd” is altijd een riskante uitdrukking.
Het is altijd ‘de Jezus van Mattheüs of Marcus of….. “ die iets zegt.
Want het is telkens de evangelist die zijn theologische visie verwoordt en deze in de mond van Jezus legt.

3. Jezus is niet-God.
Jezus is op de eerste plaats een mens(elijk personage), een mensenkind,
Johannes 1,14 zegt het klaar en duidelijk:
Het Woord is vlees-en-bloed geworden
en heeft bij ons zijn tent opgeslagen;
wij hebben zijn glorie aanschouwd,
een glorie van een eniggeborene van bij een Vader, vol van genade en waarheid.
Dus het scheppende woord van de ENE is in deze heel concrete joodse mens, in de kwetsbare en breekbare gestalte van deze zoon van Israël, deze zoon van mensen aan het licht gekomen.

4. Jezus is ook geen heroïsche held, maar een gekruisigde mens, slachtoffer van een afgodisch systeem.
Dit gegeven is de struikelsteen die Jezus is en blijft.
Jezus wandelt wel over het water (over de doodsmachten), maar dan wel als gekruisigde, als slachtoffer van diezelfde machten.
Juist als slachtoffer ontmaskert hij die machten als onrecht. Deze onschuldige en rechtvaardige, die gedood wordt, maakt de doodsmachten onschadelijk, door hen te ontmaskeren als dodelijk en zeker niet- leven-gevend.
Zonder het kruis is de opstanding leeg en zonder zin.

3. Inspirerende Bijbelse figuren
Dit werkjaar gaan we op zoek wat deze personages ons te zeggen hebben.
– Seth en Enosj
– Tobit en Hanna, Tobias en Sara
– De anonieme vrouw met de verloren drachme
– Jozef, de vader van Jezus
– Abraham
– Petrus
– Amos
– Maria Magdalena
– Maria, de moeder van Jezus
– Het meisje van het Hooglied

Jaarthema 2017 – 2018

ONTGRENZEN
Straffe uitspraken en praktijken uit het evangelie van Jezus

 

Het hele evangelie staat vol straffe uitspraken en praktijken van Jezus. Hij verwijst daarmee naar het Rijk Gods: het heersen van God op aarde. Waarbij waarden zoals: zich ontdoen van heerschappij, dienen, mededogen hebben, genezen, gemeenschap scheppen, erkenning geven, zich verbinden met mensen ongeacht hun afkomst of wie ze zijn centraal staan.

Met zijn optreden gaat Jezus frontaal in tegen het heersende sociale en religieuze gedachtegoed. De heerschappij van God die hij verkondigt, is gebaseerd op de liefde. Die liefde is irrationeel, het is de dwaze liefde die de logica van een rechtssysteem, het denken in termen van goed en kwaad, rein en onrein, overstijgt. Bij Jezus zullen de eersten de laatsten zijn, krijgt de werker van het elfde uur evenveel als die van het eerste uur; hij prijst niet de machtigen zalig of diegenen die de Wet onderhouden, maar de ‘armen, de hongerigen, de wenenden, de vervolgden, de barmhartigen, de zachtmoedigen, de vredestichters, de zuiveren van hart en degenen die hongeren en dorsten naar gerechtigheid.

Precies omdat zijn boodschap elke menselijke logica overstijgt, zijn Jezus’ uitspraken en wat hij doet zo paradoxaal en vaak aanstootgevend. Hij ‘ont-grenst’ voortdurend:

Voorschriften: Gij hebt gehoord dat er gezegd is….maar ik zeg u….
Plaatsen: Het dubbel liefdegebod voor God en de mensen plaatst hij hoger dan de brandoffers in de tempel.
Personen:Hij haalt “onreinen” uit het isolement bv. melaatsen, zondaars, bezetenen, vrouwen, tollenaars.
Tijden: Jezus schaft de sabbat niet af, maar geeft een andere lezing van de sabbatwet.
Het komt er op de eerste plaats op aan het goede te doen en het kwade te laten.
Gods heil: Het is niet beperkt tot het uitverkoren volk, de Joden.

Jezus heeft hiermee geen nieuwe ideologie willen opleggen die iedereen te allen tijde moet respecteren. Zijn straffe uitspraken en handelingen zijn bedoeld als hefboom om ons uit de vicieuze cirkel van ons traditionele denken te halen. We worden uitgenodigd om creatief te kijken of er iets nieuws kan gebeuren.

Jezus’ straffe uitspraken situeren zich in het veld  “niet-verplicht – niet verboden”. Als je doet wat je moet doen en nalaat wat niet mag, dan ben je een goed mens. Niemand kan je dan iets verwijten. Maar Jezus vraagt meer, buiten de norm van verplichting en verbod. We moeten onszelf overstijgen, onze grenzen verleggen, steeds groeien in liefde.

 

Liefde tot de vijand

Een bijzonder uitdagende paradoxale uitspraak is het evangelisch gebod van de liefde tot de vijand, de zogenaamde zesde tegenstelling uit de Bergrede: ‘Gij hebt gehoord dat er gezegd is: Gij zult uw naaste beminnen en uw vijand haten. Maar ik zeg u: Bemint uw vijanden, doet wel aan die u haten, zegent hen die u vervloeken en bidt voor wie u vervolgen’ (Mt 5,43-48).

Bij nader toezien ligt de liefde tot de vijand in het verlengde van de manier waarop Jezus in zijn verkondiging van het Rijk Gods  oproept tot een grensoverschrijdende of ontgrenzende benadering van mensen. Dit is niet gemakkelijk!

Een midrasj die Levinas aan Roger Burggraeve vertelde maakt dit duidelijk.
Als God de joden heeft bevrijd uit Egypte en door de Rode Zee geleid heeft, wordt het leger van de farao opgezogen door de zee. De joden gaan door de Rode zee, en worden gered. Zij vieren feest. Mozes merkt op dat God ontbreekt op het feest. Hij vindt God in zijn holletje. (God verdwijnt altijd) Mozes vraagt: “Waarom heb je je teruggetrokken?” God zegt: “ Ik heb geen zin.” Mozes ziet tranen in Gods ogen. Zijn het tranen van vreugde? “Neen”, zegt God. “Het zijn tranen van droefheid, want de Egyptenaren zijn ook mijn schepselen.”
Hier wordt gezegd dat God tot het einde der tijden blijft wenen over de Egyptenaren want zij zijn ook zijn schepselen. God vindt dat Hij voor de bevrijding van de joden een te hoge  een prijs heeft betaald.

 

 

Jaarthema 2016 – 2017 

Zorg voor ons gemeenschappelijk huis

Geen mens
of hij heeft als geboortegeschenk een thuisplek op de planeet aarde,
steeds in beweging in de ruimte van het heelal…
Een –allesoverheersende- gestileerde bloem
zegt iets van de zorg, de tederheid en liefde
onontbeerlijk voor (op)groeien én bloeien:
de nooit stoppende uitdaging
voor de zorg van (om) hoopvol leven.

Emerence Loos

“ Zorg voor ons gemeenschappelijk huis “

Met deze woorden gegroeid vanuit de encycliek Laudato Si van Paus Franciscus willen wij dit jaar samenkomen om te leren en te vieren.

De zorg voor ons gemeenschappelijk huis, moeder aarde, omvat niet alleen de natuur maar ook de mensen die er wonen.
Maar hoe begin je er aan? Samen met de voorgangers hebben we deze weg onderverdeeld in kleinere étappes, die we als pelgrims, maand na maand, zullen bewandelen. Verschillende thema’s geven het handen en voeten, maken het heel concreet en uitdagend.

We weten het allemaal we staan op een keerpunt in de geschiedenis: bewust geworden van het feit dat de aarde bewoonbaar moet blijven voor elk levend wezen; dat we onze voetafdruk moeten verkleinen en leren leven met genoeg. De natuur staat, naast andere waarden, ook in het rijtje van de weerlozen samen met de vele mensen uit onze maatschappij maar ook die uit de ontwikkelingslanden waaronder de klimaatvluchtelingen. Hoe gaan we ecologie en economie verzoenen? Uitdagingen voor deze tijd. Hoe kunnen wij in de tegenstroom gaan staan en stand houden, gelovend dat het anders kan; kijkend naar de voorbeelden uit het verleden en gedragen door bijbelse inspiratie? Ook de oerkracht van het water komt terug op onze weg vanuit het scheppingsverhaal als bevrijdend gebeuren, alhoewel vele vluchtelingen iets anders ervaren hebben. Hoe hebben wij oog voor de nieuwe schepping, de bevrijding vanuit Jezus’ paasgebeuren? Daar rond willen wij samenkomen en vieren.